Zorgregio-indeling veegt Meetjesland van de kaart
bericht 27/02/2003

Het Regionaal Welzijnsoverleg Meetjesland verzet zich tegen de implementatie van het huidige voorstel van indeling van zorgregio's en dringt aan op een bijsturing van het ontwerp-decreet, zodoende te komen tot een regio-indeling die het lopende en effectieve proces van planning en overleg (welzijn en gezondheid, sociaal-economisch, bestuurlijk) in het Meetjesland ondersteunt.

Het ontwerp van decreet van Vlaams Minister Mieke Vogels op de zorgregio’s (juli 2002) beoogt een betere samenwerking en spreiding van welzijns- en gezondheidsvoorzieningen.
Dit oogmerk is waardevol en wordt tenvolle onderschreven door de welzijns- en gezondheidsactoren in het Meetjesland.

De voorgestelde lineaire indeling van Vlaanderen in zorgregio’s versnippert het Meetjesland evenwel tot een kleine kern van vier gemeenten (Eeklo, Kaprijke, Sint-Laureins en Waarschoot) en een opname van de andere gemeenten in de stedelijke invloedsferen van Gent en Brugge.
De rechtlijninge toepassing van deze indeling voor overleg en programmatie is dan ook niet aanvaardbaar voor de leden van het Regionaal Welzijnsoverleg Meetjesland.

Standpunt
1. De indeling van zorgregio’s op basis van verplaatsingen (‘fluxen’) van personen (studie van prof. Van Hecke) is ongetwijfeld zeer zorgvuldig en wetenschappelijk gebeurd. Dit kan evenwel niet als enige bron worden gebruikt voor de afbakening van zorgregio’s.
Andere criteria voor afbakening zijn minstens evenzeer te verantwoorden:

  • Indeling van regio’s op basis van socio-economische indicatoren (inkomen, situatie huisvesting, tewerkstelling, …) en kenmerken (landelijk karakter, …). Dergelijke indeling geeft zeer concrete basis voor operationele samenwerking. Zo wordt er in het Meetjesland gewerkt rond woningcomfort, ouderenbeleid, vrouwenwerkloosheid, … op basis van gemeenschappelijke indicaties in alle Meetjeslandse gemeenten.
  • Indeling van regio’s op basis van bestaande netwerken (RWO, LOGO, Opbouwwerk, SIT, jeugdwerk, …): een dergelijke indeling sluit best aan bij de preferenties van de basis, is meestal praktisch-operationeel, en heeft bijgevolg in de praktijk de grootste kans op slagen. Het netwerk Meetjesland bestaat uit 11 tot 13 gemeenten (inclusief Maldegem en Knesselare).
    Om te komen tot een meer gedragen indeling, pleit het Meetjesland voor een confrontatie van de ‘fluxenstudie’ met de twee bovengenoemde benaderingen.

 

 
 

De voorgestelde lineaire indeling van Vlaanderen in zorgregio’s versnippert het Meetjesland tot een kleine kern van vier gemeenten (Eeklo, Kaprijke, Sint-Laureins en Waarschoot) en een opname van de andere gemeenten in de stedelijke invloedsferen van Gent en Brugge.

De fluxenstudie werd volgens Minister Vogels bewust als enige referentie gebruikt, omdat ze de zgn. weergave is van ‘de vraag’. Dit is zeer betwistbaar. De flux geeft namelijk het gedrag weer op basis van het historisch gegroeide aanbod en niet de preferentie van mensen.
De studie vertrekt weliswaar niet vanuit het bestaande aanbod, maar is er wel de weergave van.

2. Het doorsnijden van de provinciegrenzen bemoeilijkt het voeren van een consistent provinciaal gebiedsgericht beleid (vooropgesteld in het kerntakendebat).
Vraag is trouwens waarom de Vlaamse overheid de provincies als intermediair bestuur niet nauwer heeft betrokken in het proces van afbakening van zorgregio’s ?

3. Het getuigt van goed bestuur om bij het opzetten van overlegstructuren rekening te houden met gebiedsomschrijvingen die in andere sectoren reeds gangbaar zijn, zonder dat deze lineair moeten gekopieerd worden vanzelfsprekend.
Bij gebrek aan onderlinge afstemming tussen de Vlaamse Ministers, worden de regio’s op dit moment geconfronteerd met verschillende omschrijvingen voor overleg per beleidsdomein.
Door telkens nieuwe regio-omschrijvingen te vormen, bemoeilijkt de Vlaamse Regering vanzelfsprekend de ambitie van het Meetjesland om integraal gebiedsgericht te werken.

4. Het Meetjesland wenst dat de betrokken actoren en besturen rond dergelijke ingrijpende voorstellen vooraf gehoord worden.