Zonevreemde woningen in het Meetjesland

Op 18 januari 2001 organiseerde het Streekplatform+ Meetjesland een informatiebijeenkomst voor burgemeesters en voor ambtenaren en schepenen van ruimtelijke ordening. Gastspreker Bert Roelandts, advocaat en wetenschappelijke medewerker aan de Universiteit Gent, ging dieper in op de regelgeving en de mogelijkheden om binnen het kader van het gemeentelijk structuurplan een oplossing te bieden voor zonevreemde woningen.
Naar aanleiding van de bijeenkomst werd aan de gemeenten gevraagd een schatting te maken van het aantal zonevreemde woningen in hun gemeente. Uit de schattingen (tot op 5% nauwkeurig) blijkt dat in het Meetjesland ongeveer 15% van de particuliere huizen zonevreemd zijn. In totaal gaat het om zo’n 7.600 woningen.

Schatting zonevreemde woningen Meetjesland
 
particuliere huizen
eind 1997
Schatting van het aantal zonevreemde woningen
% zonevreemd
Aalter
7.143
1.100
15,4%
Assenede
5.747
1.050
11,3%
Eeklo
7.396
300
4,1%
Kaprijke
2.394
471
20,3%
Knesselare
3.051
450
14,7%
Lovendegem
3.571
327
9,2%
Maldegem
8.259
1.000
12,1%
Nevele
4.479
1.500
33,5%
Sint-Laureins
2.683
914*
34.1%
Waarschoot
3.309
119
3,6%
Zomergem
2.951
372
12,6%
Meetjesland
50.983
7.603
14,9%

* Later werd in het definitief gemeentelijk ruimtelijk structuurplan van de gemeente Sint-Laureins ongeveer 850 zonevreemde woningen vastgelegd (i.p.v. 914).

Zonevreemdheid is het gevolg van het opstellen van gewestplannen in de jaren zeventig en tachtig. Omdat relatief homogene gebieden werden ingekleurd, kwamen een aantal bestaande woningen in gebieden te liggen die niet bestemd zijn voor wonen.

Sinds 18 juni 1999 is er een nieuw decreet van kracht (het Decreet van 18 mei 1999), dat de toekomst van zonevreemde woningen in Vlaanderen vastlegt. Het zegt dat na 17 juni 2004 aan zonevreemde woningen enkel werken kunnen worden uitgevoerd waarvoor geen stedenbouwkundige vergunning vereist is (instandhoudingswerken). Het decreet voorziet evenwel een overgangsperiode van 5 jaar, waarin onder een reeks voorwaarden, bestaande vergunde zonevreemde gebouwen toch kunnen worden verbouwd, uitgebreid of herbouwd.

Dit nieuwe decreet heeft heel wat paniek gezaaid onder de eigenaars van zonevreemde woningen. Onder druk van de gemeenteraadsverkiezingen, nam de Vlaamse regering op 6 oktober 2000 een standpunt in met betrekking tot zonevreemde woningen.
Dit leidde tot een voorontwerp van decreet, dat op 30 maart 2001 door de Vlaamse regering principieel werd goedgekeurd. Dit voorontwerp voorziet twee grote wijzingen ten opzichte van het decreet van 18 mei 1999.

  • De huidige afwijkingsregeling, die geldt tot 17/4/2004, wordt verlengd tot 1/5/2006. Op die manier wordt rekening gehouden met de termijn voor het opstellen van de gemeentelijke structuurplannen (tot 1/5/2005) en de ruimtelijke uitvoeringsplannen (geschat op 1 jaar). Het zijn immers die gemeentelijke structuurplannen en uitvoeringsplannen die de gemeenten de mogelijkheid bieden het probleem van zonevreemde constructies gedeeltelijk op te lossen.
  • Aan alle zonevreemde woningen, ongeacht de bestemming van het gewestplan, kunnen instandhoudingswerken worden uitgevoerd, ook als deze werken betrekking op constructieve of dragende onderdelen van het gebouw.
    Met deze wijzigingen wordt tegemoet gekomen aan enkele van de belangrijkste kritieken op het decreet van 18 mei 1999.