LEADER+: tijd om terug te blikken
26 projecten illustreren vernieuwende plattelandsontwikkeling in het Meetjesland

De Plaatselijke Groep LEADER+ Meetjesland keurde 26 projecten goed. De projecten bestrijken een brede waaier aan acties die de leefbaarheid op het platteland verbeteren en de streekidentiteit van het Meetjesland versterken. De projecten mikken op vernieuwing in de landbouw- of voedingssector of werken door op de culturele of landschappelijke troeven van de regio. In juni 2008 worden ook de laatste projecten afgerond.

Duurzaam netwerk
In de periode 2003-2008 werden regelmatig contactmomenten georganiseerd tussen de leden van de Plaatselijke Groep, waarin diverse streekorganisaties van het Meetjesland vertegenwoordigd waren, en de projectpromotoren. Deze contactmomenten gaven aanleiding tot verrijkende samenwerkingsverbanden en tot het ontstaan van een ervaringsnetwerk dat verankerd zat in de streek. Dit garandeerde de continuïteit en duurzaamheid van de opgezette initiatieven, ook na afloop van het LEADER+ programma.



Overleg tussen promotoren maakt dat men leert van elkaars aanpak. Na afloop is ieders netwerkje wat groter geworden! (foto links)
PG-leden en promotoren nemen zoveel mogelijk deel aan uitwisselingscontactdagen met andere LEADER-gebieden (foto rechts)

Goedgekeurde projecten

Er werden door de plaatselijke groep inmiddels 26 projecten goedgekeurd.
Binnen de variëteit herkennen we grosso modo vijf grote groepen van projecten:

Toekomstgericht ontwikkelingen en vernieuwing in de landbouw

1. Toekomstige ontwikkelingen en potentieel van de land- en tuinbouwsector in het Meetjesland

objectieve data en aanbevelingen aanreiken die lokale overheden in staat moeten stellen de landbouwkundige waarde van het Meetjesland beter in te schatten, en een ondersteunend en faciliterend beleid te voeren.
De knelpunten en potenties van de verschillende deelgebieden van het Meetjesland worden beschreven, en resulteren in de formulering van een aantal toekomstscenario's en strategieën. Zo wordt gesteld dat in open deelgebieden waar dynamische en rendabele landbouw overheerst, de landbouw alle ontwikkelingskansen moet krijgen en benutten voor behoud en voor versterking. In de gebieden waar landbouw en andere functies (toerisme en recreatie, wonen, industrie en handel) verweven zijn, moeten strategische keuzes gemaakt worden. De studie besteed ook speciale aandacht aan het in kaart brengen van verbredingsactiviteiten van landbouwers (agrarisch natuurbeheer, plattelandstoerisme, hoeveproducten, …). Een groot aantal landbouwers vertoont interesse om één of meerdere van deze nevenactiviteiten te introduceren op het eigen bedrijf. De overheid wordt gewezen op haar rol om landbouwers te informeren over de bestaande mogelijkheden en faciliterend op te treden voor zij die bewust de stap zetten naar verbrede landbouw.Dit werk besluit met een richtinggevend maatregelenpakket en aanbevelingen naar het beleid toe, zowel voor de regio Meetjesland als naar de individuele gemeenten toe. De resultaten van de studie werden via verschillende kanalen bekendgemaakt en werden tevens verwerkt in de vomingssessie ‘Creatief Besturen’, module Landbouw. De studie werd aan een breed publiek en de pers voorgesteld in CC De Hoogen Pad in Adegem; is down te loaden op de website www.meetjesland.be/leader en kan ook besteld worden in boekvorm of op CDrom.

Contact Professoren Jacques Viaene en Xavier Gellynck
Vakgroep Landbouweconomie, Universiteit Gent, Coupure links 653, 9000 Gent 09/264.59.44
jacques.viaene@ugent.be, xavier.gellynck@ugent.be
In samenwerking met de Vlaamse Landmaatschappij en de Provinciale Landbouwkamer Oost-Vlaanderen

Terug naar overzicht

2. Duurzame landbouwbedrijfsvoering in het Meetjesland

Om de toekomstmogelijkheden van de landbouw bijkomend te ondersteunen, zal aan de Meetjeslandse landbouwbedrijven een beproefde methode van duurzaam boeren aangeboden worden. De gekende methode van 'economical farming' (landbouwbedrijfsvoering met verlaagde input en kostenbesparend, én economisch rendabel), is een vorm van duurzaam boeren, die in een aantal gebieden in Nederland reeds een 5-tal jaar met succes door een groot aantal landbouwers toegepast wordt.
Meer specifiek zal het project focussen op:
- werken rond duurzame landbouw op wetenschappelijke basis en opgebouwd rond de 3 basispeilers van duurzaamheid: ecologisch, economisch, sociaal
- toegepast op enkele pilootbedrijven
- met de betrokkenheid van een overleggroep van landbouwers en andere experten die meedenken
- het opmaken van een communicatieplan naar de land- en tuinbouwers (melkveehouders) in de eerste plaats, milieuorganisaties, ook jongeren (scholen), bevolking, …
Als methodiek om duurzaamheid te meten en te verbeteren werd een solide meetmethode ontwikkeld, namelijk ‘de duurzaamheidster’. Dit is een wetenschappelijke methode met indicatoren die duurzaamheid op economisch-ecologisch-sociaal vlak op bedrijfsniveau meten. Deze indicatorenset werd ontwikkeld door Steunpunt Duurzame Landbouw (Stedula) en staat ter beschikking van de sector. Een aantal toonaangevende melkveebedrijven kunnen dit registratie- en evaluatiesysteem voor duurzaamheid onder begeleiding toepassen. Deze toegankelijke en laagdrempelige methode laat een bedrijfsspecifieke aanpak toe, en dient als aanzet tot een meer duurzame bedrijfsvoering, waarbij de deelnemende landbouwers hun eigen doelstellingen en mogelijkheden kunnen vastleggen.

Contact Didier Huygens
Provinciale Lanbouwkamer voor Oost-Vlaanderen, Gouvernementstraat 1, 9000 Gent
09/267.86.80
didier.huygens@oost.vlaanderen.be

Terug naar overzicht

3. Emissiearme en diervriendelijke productie van kwaliteitszuivel

Dit project introduceert duurzame landbouw op melkveebedrijven door te focussen op rantsoenen en dierenwelzijn met een hogere melkkwaliteit als gevolg. Emissiebeperkende veehouderij heeft een hoge actualiteitswaarde en toekomstpotentieel. De melkveesector zal steeds verdergaande inspanningen op het vlak van milieu, dierenwelzijn en kwaliteit van de producten moeten leveren. In dit project zal voor de Meetjeslandse melkveebedrijven nagegaan worden hoe duurzamer kan geproduceerd worden naar nutriëntenbenutting, diervriendelijkheid en kwaliteit van de melk toe. Het ureumgehalte in de melk is een belangrijke aanduiding voor de nutriëntenefficientie van melkvee, en deze is in grote mate afhankelijk van de kenmerken van het rantsoen. De kennis uit onderzoek hieromtrent zal toegepast worden op pilootbedrijven en de effecten op teeltplan, vruchtwisseling en bemestingsplan zullen nagegaan worden. Ook de economische duurzaamheid zal bekeken worden. Vanuit de ervaringen op demobedrijven, kunnen geïnteresseerde melkveehouders het rantsoen bijsturen.

Contact Filippe Van de Craen & Luk Sobry
Vlaams Agrarisch Centrum, Ambachtsweg 20, 9820 Merelbeke
09/252.59.19 – filippe.vandecraen@vacvzw.be

Terug naar overzicht

4. Trends in land- en tuinbouw: een voortrekkersrol voor het Meetjesland

De land- en tuinbouwers in het Meetjesland zullen intensief begeleid worden in hun rol van voortrekker in een aantal toekomstgerichte ontwikkelingen in de sector. Er worden nieuwe, alternatieve groentevariëteiten geteeld bij geïnteresseerde tuinders en op een proefveld. Teeltbegeleiding en vermarkting van deze specialiteiten maken onderdeel uit van het project. Ook aan boomtelers worden nieuwe of moeilijk te telen variëteiten aangeboden. De ervaring en kennis van de proefcentra en de betrokken telers wordt doorgegeven aan andere tuinders met interesse. Aardappeltelers en loonwerkers worden op een doorgedreven manier begeleid bij de introductie van integrale ketenbewaking en kwaliteitscontrolesystemen op hun bedrijf. ‘Een uur in de schuur’ dient als demomoment en aanzet tot toepassing van Goede Agrarische Praktijken op zoveel mogelijk aardappel-landbouwbedrijven.


Contact Nico Vergote & Sarra De Poortere
Provinciaal Proefcentrum voor de Groenteteelt Oost-Vlaanderen vzw,
Interprovinciaal Proefcentrum voor de Aardappelteelt vzw
Proefcentrum voor Sierteelt vzw
Karreweg 6, 9770 Kruishoutem
09/381.86.81 - nico.vergote@proefcentrum-kruishoutem.be

Terug naar overzicht

5. Duurzame landbouw : Sterk met Melk

Van 2006 tot halfweg 2008 zet het Meetjesland samen met 3 andere regio’s zijn schouders onder duurzame landbouw. Het Meetjesland is trekker van het project, Brugs Ommeland en Friesland (2 deelgebieden) zijn de overige partnergebieden.
Het project speelt zich af op 2 niveaus: duurzame landbouw op bedrijfsniveau (op pilootbedrijven) en duurzame landbouw op streekniveau, wat betekent dat de troeven van het werken binnen een regio uitgespeeld worden en dat de toepassingsmogelijkheden van duurzame landbouw afgestemd worden op de regio.
Het product van het project is het werken met de duurzaamheidsster (beoordelingssysteem van Stedula) op melkveebedrijven. Belangrijk is dat individuele boeren vooruitgang boeken op economisch, ecologisch en sociaal vlak. Het proces is het bewustmaken van landbouwers en anderen van de mogelijkheden van duurzaam boeren in overleg met en met de betrokkenheid van de landbouw- en andere sectoren in de regio.

Contact Plaatselijke Groep LEADER+ Meetjesland
Oostveldstraat 1, 9900 Eeklo
Tel. 09/376.97.38 - streekplatform@meetjesland.be

Terug naar overzicht

Bevorderen van verbreding in de landbouw en samenwerking in landbouw en voeding

6. Versterken van de innovatiecapaciteit in de Meetjeslandse agri-business sector op basis van lokale factorvoordelen

Innovatie is de motor van onze Vlaamse economie. Hierbij spelen regionale factoren een belangrijke rol. Regionale factoren duiden op de wederzijdse band die bestaat tussen de onderneming en de omgeving waarin deze opereert. Deze band fungeert als kanaal voor de doorstroming en uitwisseling van informatie en kennis. Er werd bij 164 Meetjeslandse voedingsbedrijven, waarvan 2/3 handel en 1/3 productie, nagegaan hoe bedrijven de regionale factoren in het Meetjesland ervaren. Uit deze omvangrijke enquête kon ondermeer besloten worden dat de belangrijkste innovators net de bedrijven zijn die deelnemen aan netwerken en een sterke interactie met andere bedrijven en kennisinstellingen onderhouden. In het najaar van 2005 zullen de conclusies van het project bekend gemaakt worden, evenals het actieprogramma dat hieruit resulteerde. Dit actieplan zal na afloop van het project gerealiseerd worden dankzij de samenwerking van belangrijke partners in de voedingssector en streekwerking, waaronder Voeding Meetjesland, Vakgroep Landbouweconomie, Flanders Food en andere kenniscentra en organisaties. De acties mikken op het versterken van de regionale factoren voor de Meetjeslandse voedingsindustrie en willen de banden versterken tussen voedingsbedrijven, agrarische en andere toeleveranciers zoals machinebouwers, leveranciers van hulpstoffen en kenniscentra. Dit zal gebeuren door contactmomenten rond een bepaald thema voor gerichte uitwisseling tussen bedrijven en kennisinstellingen, contactmomenten tussen bedrijven onderling, een voedingstreffen waar de verticale schakels in het agribusiness complex elkaar leren kennen. Dit kan bedrijven stimuleren om meer gebruik te maken van de opportuniteiten die de regio hen biedt. Naast netwerking en kennisoverdracht zal met belanghebbenden en besturen permanent in overleg getreden worden ten voordele van de verdere ontwikkeling van de sector, waarbij bedrijventerreinen, mobiliteit, de oprichting van een researchpark primaire thema’s zijn.

Eindrapport versterken van de innovatiecapaciteit van de regionale agri-bussiness sector

Contact Professoren Jacques Viaene en Xavier Gellynck
Vakgroep Economie, Universiteit Gent, Coupure links 653, 9000 Gent 09/264.59.44
jacques.viaene@ugent.be, xavier.gellynck@ugent.be
In samenwerking met ABConsultancy NV en Streekplatform+ Meetjesland.

Terug naar overzicht

7. Hoeve- en streekproducten Meetjesland

Het Meetjesland kent reeds veel producenten van hoeve- en streekproducten. De afzet van deze producten zal gestimuleerd worden door doeltreffende promotie en door het opzetten van gestructureerde afzetkanalen. In een voorbereidende fase werden streek- en hoeveproducenten gepolst naar hun interesse en werd hen op 2 vormingsavonden informatie verschaft over de opbouw van een coöperatieve vennootschap en het voeren van promotie. Belangrijk voor het voortbestaan van de coöperatieve, na afloop van het leaderproject, is dat deze structuur door voldoende producenten ondersteund wordt. Uitgangspunt voor de promotie is de creatie van het herkomstlabel Meetjesland, dat de identiteit en de herkomst van het product moet voorstellen. In eerste instantie worden op verschillende evenementen en ook op vraag geschenkpaketten samengesteld, zoals ter gelegenheid van eindejaar 2005. In diverse toeristische infopunten zijn deze manden met lekkers uit het Meetjesland vanaf augustus 2005 beschikbaar. In 2004 werden kookcursussen georganiseerd waarbij bekende streekkoks met streekproducten werkten.Producenten zullen hun producten kunnen aanleveren in een distributiecentrum. Najaar 2005 worden de mogelijkheden bekeken om via de detailhandel hoeve- en streekproducten aan te bieden. Ook distributie naar grootkeuken behoort tot de mogelijkheden.

Contact Eddy Matthijs & Luc Feusels
Plattelandscentrum vzw, Leemweg 24, 9980 Sint-Laureins
09/379.78.37 – luc.feusels@plattelandscentrum.be

Terug naar overzicht


8. Meetjeslandse kwaliteitsfriet


Lippens is een gekend aardappelverwerkend bedrijf met een belangrijke aanvoer en afzet in het Meetjesland. Het bedrijf neemt een unieke marktpositie, die van de verse friet, in. Op een professionele manier zal een marketingconcept van het product Meetjeslandse kwaliteitsfriet uitgewerkt worden. De typische identiteit van het Meetjesland wordt hierbij herkenbaar verwerkt in een totaalconcept dat de bedrijfsidentiteit moet profileren. De sterkten van dit bedrijf die worden benadrukt zijn streekorigine, innovatie, traditie en vakmanschap. Een beeld dat de Meetjeslandse origine en kwaliteit van de aardappelproducten weergeeft, zal afgedrukt worden op verpakkingen, drukwerk en vrachtwagens. De streekgebonden naamgeving en de boodschap die erachter zit, zal de concurrentiepositie van het bedrijf versterken, en meteen ook de afname bij lokale aardappeltelers verzekeren. Dit project wordt afgewerkt vóór eind 2005.

Contact Filip Lippens
Aardappelen Lippens bvba, Elsburgstraat 4, 9960 Assenede 09/344 53 30
filiplippens@skynet.be

Terug naar overzicht

9. Schaapjes op de Meetjes

Schapen en hun afgeleide producten zijn historisch belangrijk voor het Meetjesland. Dit project wil de schapenhouderij ondersteunen en professionaliseren. Zowel de hobbyist, de (semi)professionele schapenhouder als de streek moet er beter van worden. De Vlaamse Schapenhouderij leidt dit project in goede banen door de doelstellingen en taken te verdelen over verschillende werkgroepen.
De Werkgroep Erfgoed voorziet de opening van een rondreizende tentoonstelling over de historiek van de schapen in het Meetjesland voor najaar 2005.In september 2004 werd de eerste en meteen succesvolle Meetjeslandse Schapendag in Drongengoed bijgewoond door 1500 aanwezigen. Tijdens de editie van 11 september 2005 zal de Dries in Kaprijke terug zoals van oudsher bevolkt worden met schapen. Allerlei activiteiten moeten de consument moet aanmoedigen tot een hoger verbruik van Meetjeslands lamsvlees. De Werkgroep Promotie zorgt ervoor dat schapenhouders, handel en lokale slagers actief deelnemen aan promoacties voor Kerstmis, Pasen en andere gelegenheden. Hierbij ligt de nadruk op het aanleveren en verkopen van lamskarkassen die uniform in gewicht en vetgehalte zijn, om de consument te kunnen vertrouwd maken met lamsvlees van hoge kwaliteit.Ter gelegenheid van de recordpoging voor het grootste maislabyrint in Assenede van 13 augustus tot 4 september 2005, zal de nieuwe schapensalami gelanceerd worden.Het project wil tevens werk maken van een overzicht van het schapenbestand in al zijn verscheidenheid opgemaakt worden: rassen, kruisingen, fokdoelen en kweekmethodes. Ook de mogelijkheden en economische rendabiliteit van begrazing van dijken en natuurgebieden worden onderzocht. In dit kader werd in november 2004 een druk bijgewoonde infoavond georganiseerd rond schapen en natuurbeheer.

Contact Geert Storme & An Van Herck
Vlaamse Schapenhouderij vzw, Stee 17, 9980 Watervliet 0478/25 09 48
info@vsh.be

Terug naar overzicht

10. Ontwikkeling van mycotoxinediagnostica

Voedselveiligheid primeert, ook bij de Meetjeslandse voedingsbedrijven, die als eersten toegang zullen krijgen tot het uittesten op het eigen bedrijf van een nieuwe detectiemethode voor mycotoxines. Dit zijn giftige stoffen die op het veld of tijdens de bewaring door schimmels geproduceerd worden en moeilijk of niet uit het voedsel te verwijderen zijn. Toxi-test NV, eenspin-off van de Universiteit Gent, ontwikkelt mycotoxine-testkits, waarmee op een goedkope en snelle manier 4 verschillende types van mycotoxines kunnen gedetecteerd worden. Door hun eenvoud is het perfect mogelijk de teststrips in gans het productieproces in te schakelen. Ook op enkele landbouwbedrijven zullen de testkits uitgeprobeerd worden. De snelle opsporing van deze toxische stoffen zal de bedrijven toelaten snel in te grijpen bij detectie van mycotoxines en te vermijden dat de aangetaste grondstoffen verder verwerkt worden.
In december 2004 vond een informatiesessie plaats voor de voedingsbedrijven. Heel wat bedrijven tekenden in om deze testkit vrijwillig uit te testen op welbepaalde tijdstippen in het jaar of fasen in het productieproces die een risico inhouden op de ontwikkeling van mycotoxine-producerende schimmels.

Contact Liberty Sibanda
Toxi-test NV, Harelbekestraat 72, 9000 Gent 09/264.81.40
sibanda@toxi-test.be

Terug naar overzicht


Vorming en bewustmaking omtrent de streekidentiteit

11. Creatief besturen: gebiedseigen leren voor bestuurders in een plattelandsgebied


Een vormingsreeks rond gebiedseigen leren heeft de bedoeling om lokale beleidsmakers te laten nadenken over streekidentiteit en plattelandsontwikkeling en beoogt een koppeling te maken tussen regionale denkbeelden en lokaal beleid. Als deelnemers aan deze opleiding worden gemeentelijke mandatarissen, ambtenaren en mensen uit adviesraden beoogd.
Deze thema's worden op een geïntegreerde manier aangebracht onder de vorm van een inhoudelijk duidend luik, een plaatsbezoek en een concrete terugkoppeling naar het lokaal beleid. De vormingsreeks 'Creatief besturen' ging in het najaar 2004 opmerkelijk van start met het debat "Met vreemde ogen", waarbij bekende Meetjeslanders hun ongezouten mening gaven over de troeven en zwakten van het Meetjesland en zijn bewoners. Aansluitend namen burgemeesters, schepenen en andere mandatarissen deel aan de vormingsmodule rond streekidentiteit. In het voorjaar 2005 volgde een tweede module over landbouw en zijn toekomstmogelijkheden in het Meetjesland, die door diverse schepenen van landbouw en andere mandatarissen bijgewoond werd. In september 2005 is een leerbezoek aan de Westhoek gepland, waarbij ondermeer het Streekhuis ‘Esenkasteel’ bezocht wordt, het welzijnsbeleid en initiatieven m.b.t. leefbaarheid en bedrijvenparkmanagement aan bod zullen komen.
In najaar 2005 volgt een derde module over wonen in het Meetjesland.

Contact Bart Van Herck
Streekplatform+ Meetjesland vzw, Oostveldstraat 1, 9900 Eeklo 09/376.97.38
info@meetjesland.be

Terug naar overzicht

12. Mondina

Op een bio-boerderij worden educatieve initiatieven ontwikkeld worden voor kleuters, lagere school en middelbare schoolkinderen en voor kinderen met een handicap. De thema’s waaruit scholen kunnen kiezen zijn biologische landbouw, kruidenateliers, workshops rond de vier oerelementen (lucht, water, vuur en aarde), een interactief leerpad voor kleuters rond een gerenoveerde drinkpoel.
Mondina heeft een goeddraaiend team van enthousiaste medewerkers rond zich geschaard, waaruit heel wat creatieve ideeën spruiten die de klasjes die op bezoek komen op de bioboerderij mateloos boeien. De poel, de kruidentuin werden aangelegd door een veelpotig team vrijwilligers. De gedrevenheid en creativiteit van de initiatiefnemers ligt mee aan de basis van het origineel concept dat ondertussen door vele klassen en bezoekers gewaardeerd werd, tijdens een alternatieve schoolreis waar genieten en werken hand in hand gaan. Het is een actieve boerderij waar men in contact komt met de teeltwijzen, het product, de site en waar men bewust gaan nadenken over voeding. De boodschap die Mondina uitdraagt draait rond waardering van moeder aarde. Een boerderij waar de cultuurhistorische en landschappelijke aspecten en de verbreding van landbouw elkaar versterken.

Contact Katrien Brinckman & Sonia Sucaet
Mondina vzw, Molenkreekstraat 3, 9981 St.-Margriete 09/378 37 88
brinckman.katrien@skynet.be

Terug naar overzicht

13. Het Meetjesland in een doosje!

Alle Meetjeslandse schoolkinderen leren spelenderwijs hun Meetjesland kennen aan de hand van een gezelschapsspel dat gratis verspreid werd aan de leerlingen van 8 tot 12 jaar en aan hun leerkrachten. Met dit kwartetspel rond enkele typische natuurthema's uit de regio, leren kinderen waar het krekengebied ligt, welke gemeenten er deel uitmaken van het Meetjesland, welke typische dieren er voorkomen in de Kraenepoel, waar suikerbieten geteeld worden, … en nog veel meer over het b.v. Drongengoed, het Leen, de Lembeekse bossen, het kanaal Gent-Brugge. Leuk is bovendien dat via de kinderen – die de toekomst van ons platteland zijn - dit “spel” en de kennis over de streek uitdeint naar alle leeftijdsgeledingen. Het kwartetspel werd op 4 maart 2005 aan het brede publiek en de pers voorgesteld. Voorjaar 2005 werden de kwartetspelen bedeeld op de scholen.

Contact Jacques Cleppe
Broeders van Liefde Sint-Fransciscusschool, Kloosterstraat 79/40, 9910 Knesselare 09/374.53.33
jacques.cleppe@sfbk.be

Terug naar overzicht

14. Het Meetjesland uitgelegd aan kinderen: 'Over koolhoofden en landschepen'

De Gezinsbond maakte het allereerste kinderboek over het Meetjesland. Het is een voorleesboek voor kinderen van het 5de leerjaar en bundelt op een creatieve en vlotte manier de Meetjeslandse legenden, mythen en echt gebeurde verhalen. Het boek draait rond hoofdfiguur Maaike die een weekje komt logeren bij opa in Kaprijke.De kinderoppassers, jongeren vanaf 16 jaar, worden via opleidingsmomenten ertoe aangezet om na te denken over hun regio en dit ook nog eens te verkopen aan kinderen. De baby-sits vertrekken met dit boek onder de arm naar hun oppasgezin. Ook de overige gezinsleden, jong en oud, kunnen via dit vlot en frivool boek op een speelse manier kennis maken met de typische kenmerken van de regio zonder in cliché-beelden te vervallen.
'Over koolhoofden en landschepen' werd aan de pers voorgesteld ter gelegenheid van de Voorleesweek in november 2005. Maaike is ondertussen een bekende Meetjeslander, ze duikt geregeld op bij andere activiteiten voor kinderen op één van de vele tot de verbeelding sprekende locaties die het Meetjesland rijk is, zoals bij de Bevende Hazelaar en het Rattenkasteel in Waarschoot.

Contact Ronny De Schuyter
Gezinsbond VZW - Gewesten Eeklo-Zelzate en Zomergem, Vlierstraat 9, 9900 Eeklo 09/377.76.54
ronny.de.schuyter@gezinsbond.be

Terug naar overzicht


15. Aan jongeren buiten-kansen geven!

Dit project ontwikkelt een gamma aan plattelandseducatieve programma's voor 14- tot 18-jarigen. Deze moeilijke doelgroep staat bijzonder kritisch tegenover de maatschappij in het algemeen en vindt begrippen als platteland, landbouw en streekidentiteit dikwijls 'oubollig'. In het huidige maatschappelijk debat wordt het platteland eerder eenzijdig vanuit recreatieve hoek bekeken, terwijl het platteland een dynamisch gegeven is en wordt gekenmerkt door een sterke verwevenheid tussen wonen, leven, werken, historiek, recreatie en toerisme. Het project streeft een brede, evenwichtige en positieve benadering van het platteland na en werkt mee aan de versterking van de streekidentiteit van het Meetjesland. Om de jongeren te bereiken worden in overleg met het onderwijswerkveld specifieke methodieken ontwikkeld worden, zoals inleefstages, workshops en panelgesprekken. Op 1 maart 2005 werd een kick-off gehouden in een Maldegemse school, een dag binnen het thema ‘Landbouw in Noord-Zuid-context ’. Dit modulair project is opgebouwd rond suiker in al zijn verschillende aspecten en wordt voorzien van didactisch materiaal in september 2005. De andere thema’s die uitgewerkt en aangeboden worden aan de scholen zijn ‘voedselzekerheid’, ‘ggo’s’, ‘plattelands- en streekidentiteit’ en ‘groene en hernieuwbare energie’. Zomer 2005 wordt de website www.linkeveld.be operationeel en in het najaar kunnen scholen intekenen om op een aantal excursies op (landbouw)bedrijven binnen één van de vier thema’s. Voorjaar 2006

Contact Wim Ceulemans & Agnes Sys
Plattelandsklassen vzw, Leemweg 24, 9980 Sint-Laureins 09.379.74.77
info@plattelandsklassen.be

Terug naar overzicht

16. Wilhelmus +

Op een oude hoeve wordt een ecologisch verantwoord kleinschalig landbouwbedrijf uitgebouwd dat een bijdrage wil leveren aan de vorming van de jeugd. Er zal een educatief bezoekerscentrum ingericht worden waarin didactisch onderricht zal gegeven worden rond biologische fruitteelt en oesterzwamteelt. Tevens zullen streekeigen producten aangeboden worden.

Contact Roland Van Landschoot
Wilhelmusstraat 8, 9988 Watervliet
09/379.78.60 - roland.van.landschoot@mercatorpcvo.be

 

 

Terug naar overzicht

17. Regional Branding: van de regio een merk maken

Vanuit de vaststelling dat de streekvisie onvoldoende gekend is en dat het uitleggen van de 8 hefbomen of 2 bindende elementen uit het leaderontwikkelingsplan te omslachtig en te moeilijk is, is er de behoefte om de kwaliteiten en (gewenste) identiteit van de regio te communiceren door middel van beeldtaal en levendige producten.
Op basis van de know-how die werd opgebouwd door de PG van West Cork, wil de PG Meetjesland een merk (met baseline) ontwikkelen dat symbool staat voor de identiteit en de waarden die de streek voor zichzelf wenst aan te houden de komende jaren.

In het verlengde van dit merk zullen zowel West-Cork als het Meetjesland:

Het merk, de beelden en de producten zullen de streek een onderscheiden identiteit geven die bevattelijk is en makkelijk communiceerbaar. Dit beeld (‘regional brand’) is het eindpunt van een proces waarin de strategie, de richting waarin de regio zich wenst te ontwikkelen, vastgelegd wordt in een herwerkte streekvisie. De streek- of plattelandsvisie moet een referentiekader worden waarnaar gehandeld wordt door zowel inwoners, organisaties, bedrijven en besturen uit de regio.

Contact Plaatselijke Groep LEADER+ Meetjesland
Oostveldstraat 1, 9900 Eeklo
Tel. 09/376.97.38 - streekplatform@meetjesland.be

18. Meetjesland 2020, van woorden naar daden

Onder de titel ‘Meetjesland 2020’ werken besturen en verenigingen in het Meetjesland aan nieuwe kernuitdagingen en acties die perspectief moeten geven aan het Meetjesland op de lange termijn.
De nieuwe streek- of plattelandsvisie betekent meteen een actualisatie van de huidige streekvisie die uit de periode 1996-1999 dateert.
Vanzelfsprekend wil de regio beter doen, niet alleen inhoudelijk, maar ook methodologisch.

Om dit te kunnen waarmaken zijn bijkomende middelen nodig, meer bepaald voor volgende drie uitdagingen:
• Vooreerst is er het meten van de resultaten van het actieplan.
• In tweede instantie moet gewerkt worden aan het formaliseren van de relaties en engagementen tussen de betrokkenen in het actieplan.
Uiteindelijk zijn voor de realisatie van het actieplan tientallen verenigingen en besturen nodig, die zich vrijwillig - maar niet vrijblijvend - willen engageren.
• Tot slot is er de communicatie van het actieplan.
In het verleden bleek immers dat de impact van het regionaal actieplan beperkt was bij gebrek aan communicatie.

Gezien de Plaatselijke Groep van Leader+ Meetjesland in haar ontwikkelingsplan koos voor een vernieuwende plattelandsvisie, maakt ze middelen vrij om ‘Meetjesland 2020’ succesvol te kunnen afronden.

Contact: Bart Van Herck
Streekplatform+ Meetjesland vzw, Oostveldstraat 1, 9900 Eeklo
09 376 97 38 – streekplatform@meetjesland.bewww.meetjesland.be

Terug naar overzicht

Valorisatie van de landschappelijke en culturele identiteit : Versterking van dorpskernen

19. Cultuurhistorische activiteiten te Middelburg

Archeologische opgravingen op het voormalige kasteelterrein in Middelburg brachten waardevolle vondsten uit het rijke verleden van Middelburg aan het licht. Met nauwe betrokkenheid van de plaatselijke bevolking zal deze archeologische site, het erfgoed en de rijke historiek van deze kleine dorpskern als uitgangspunt dienen om de dorpsidentiteit te versterken en die uit te dragen binnen en buiten de grenzen van het Meetjesland. Op die manier kan het project ook een impuls geven aan het verenigingsleven in Middelburg en het dorp nieuw leven inblazen.Een groep van een 35-tal bewoners organiseert samen met de cultuurdienst van de gemeente allerhande cultuurhistorische activiteiten rond de Middeleeuwse figuur Bladelin, stichter van Middelburg. Ter gelegenheid van de kermis van juli 2004 waarden Pieter Bladelin en zijn jonkvrouwe terug rond in Middelburg en omstreken. Tijdens de editie van juli 2005 werd het dorp en de bezoekers ondergedompeld in het Middeleeuws leven ten tijde van de gloriejaren van de rijke poorter Pieter Bladelin.
Begin mei 2005 konden 20 Middelburgse inwoners als figurant optreden in een film over Middelburg. Eind september zal deze film in première gaan. Daarna zal hij vertoond worden in het Bezoekerscentrum vanaf najaar 2005.

Gemeentebestuur Maldegem, Markstraat 10, 9990 Maldegem 050/72.89.70
cultuurdienst@maldegem.be

Terug naar overzicht


20. Ondeugend Sente

De gemeente Sint-Laureins beroept zich op zijn roemrucht verleden om de dorpsidentiteit uit te dragen en te gaan versterken. Alles draait om de vele ‘durvers’, ‘sloebers’ en ‘schavuiten’ uit vervlogen tijden, met figuren als Reynaert De Vos, beruchte gezagsdragers en smokkelaars met hun ondeugende verdiensten. Vooral de inbreng van de oudere inwoners van Sint-Laureins in dit project wordt gewaardeerd, want zij kennen heel wat anekdotes en verhalen over gebeurtenissen waar deze kleurrijke figuren een rol in gespeeld hebben. Alle socio-culturele verenigingen van Sint-Laureins en deelgemeenten kunnen een eigen initiatief uitwerken onder de gemeenschappelijke noemer ‘Ondeugend Sente’.In 2004 werd ‘De Reynaert fietsroute’ uitgestippeld en plechtig ingereden, een cultureel-toeristische fietsroute rond de Reynaert-beelden in de verschillende deelgemeenten van Sint-Laureins.
In juli 2004 ging een stoet uit die taferelen uit het Reynaert-epos uitbeeldde en in juli 2005 was het thema van de stoet ‘Schavuitenstreken’. Er werd een wagenspel en een toneelvoorstelling ‘Reynaert vertelt…’ opgevoerd, er vonden diverse jongerenactiviteiten plaats (zoals een nachtspel) en werden volksverhalen over sloebers en schavuiten verteld.
Voor de schoolkinderen wordt een didactisch pakket aangemaakt dat hen op een leuke verrassende manier kennis leert maken met hun gemeente.

Contact Annick Willems & Magda Verminck
Cultureel Adviesorgaan Sint-Laureins, Dorpsstraat 91, 9980 Sint-Laureins 09/379.80.65
info@sint-laureins.be

Terug naar overzicht

21.Garnaal maakt dat vissersdorp niet wil uitsterven

De vzw Bou8 zet zich in om de visserstraditie voort laten leven en de rijke historiek van het dorp in de kijker zetten en wil daartoe jaarlijkse Garnaalfeesten in Boekhoute een nieuw elan geven. De folkloristische stoet, die voor het eerst zal uitgaan in september 2005, zal een meer historisch-culturele uitstraling krijgen met o.a. een 25-tal nieuwe praalwagens die de verschillende thema’s van de Boekhoutse visserij uitbeelden geven. Op de Garnaalfeesten van september 2004 werden reeds 2 nieuwe vissersreuzen gedoopt en werd het garnalenbier gelanceerd. Hoogtepunt van het project wordt een groots opgezette toneelopvoering in 2006, nl. een massaspektakel buiten op het dorpsplein over de teloorgang van Boekhoute door de indijking van de Braakman in 1952.
De samenwerking met de vele culturele actoren die er zijn, moet dit project de nodige slagkracht en naambekendheid in en buiten het Meetjesland geven.


Contact Alex Van Weynsberghe & Werner Haeck
vzw Vissersvereniging Bou8 Isabella, Hoogstraat 25, 9960 Assenede 0479/63.98.67
werner.haeck@tiscali.net

 

Terug naar overzicht

22. Meetjeslandse kunst- en poëzieroute

Doorheen het Meetjesland zal een combinatie van een kunst- en poëzieroute opgezet worden rond het onderwerp Meetjeslandse taalminnaars en de Vlaamse taal. In een eerste fase worden beelden gerealiseerd van Victor de Lille (in Maldegem), Hieronymus Lauwerijn (in St-Laureins) en Basiel De Craene (in Waarschoot). In een tweede fase wordt de route vervolledigd langsheen Knesselare, Nevele, Zomergem en Aalter met ondermeer Cyriel Buysse, Flor Grammens en Hector Planquaert. De genoemde gemeenten en plaatselijke verenigingen worden nauw betrokken bij het tot stand te komen van de kunst- en poëzieroute in het Meetjesland.

Contact Frank Geyssens
Open Monumentencomité Kaprijke, Veld 1, 9970 Kaprijke 09/377.79.62
frank.geyssens@skynet.be

 

Terug naar overzicht

Valorisatie van de landschappelijke en culturele identiteit: Impulsen geven aan (meer en betere) streekeigen fauna en flora

23. Meetjeslandse flora en fauna in de kijker : 'woorden wekken, voorbeelden trekken'

Om meer en betere biotopen voor typische fauna en flora van het Meetjeslandse landschap te creëren en bestaande biotopen te bewaren, te verbinden en te verbeteren, geeft Regionaal Landschap sensibiliserende impulsen aan inwoners, verenigingen, besturen, … Gelijktijdig wordt er onderzocht hoe die ecologische elementen een socio-economische en socio-culturele meerwaarde kunnen vormen. Het omvangrijke project krijgt vorm in een 8-tal grote acties. Er wordt onderzocht welke rol landbouwers kunnen spelen bij het onderhoud van de gemeentelijke wegbermen in Assenede. Met mina-werkers / groenjobs van 3 gemeenten wordt een samenwerkingsverband gecreëerd met het oog op een optimalisatie van het natuurbeheer door de gemeenten. Grote aandacht gaat ook uit naar het onderhoud van knotbomen en hakhout onder de codenaam “meetje Els”. Hierbij werden particulieren op zoek naar brandhout (“houtzoekers”) effectief op het terrein ingezet. Knotbomen kunnen bovendien constructiemateriaal leveren aan jeugdverenigingen. Na “meetje Els” werd “meetje Vanessa” gelanceerd, een actie rond vlinders. Op vlak van soortenbescherming wordt een monitoring opgezet rond amfibieën in de gegraven poelen, in de geplaatste kerkuilenbakken en de aanwezigheid van kraamkolonies van vleermuizen op kerkzolders. Er is een samenwerking gestart met jagers en landbouwers om akkervogels in stand te houden. Verder wordt advies gegeven aan nieuwe bewoners van het landelijk gebied om streekeigen elementen te behouden en te herstellen. Ten slotte werd het natuureducatief aanbod in de streek in kaart gebracht.

Contact Piet Quataert & Filip Jonckheere
Regionaal Landschap Meetjesland vzw, Noordstraat 15a, 9990 Maldegem 050/70.00.37
piet.quataert@rlm.be

Terug naar overzicht

24. Faunatuurlijke erven!

Zwaluwen, vleermuizen, uilen, egels, amfibieën en insecten zijn soorten die weleer op elk landbouwbedrijf vertoefden. Uit een enquête blijkt dat heel wat land- en tuinbouwers een zekere affiniteit voor deze dieren voelen, zonder daaraan meteen het nutsaspect te koppelen. Op 8 land- en tuinbouwbedrijven over 8 gemeenten van het Meetjesland wordt via een fauna-audit bekeken welke dieren momenteel voorkomen en wat de mogelijkheden zijn om bepaalde fauna aan te trekken. Dit kan ondermeer door het optimaliseren van verblijfplaatsen (nestkasten, kerkuilenbakken, ...) en het creëren van nest-, voedsel- en schuilmogelijkheden door de aanleg van kleine landschapselementen (poelen, knotbomen, hagen, ...). Uiteraard wordt de bedrijfsuitbating niet uit het oog verloren en wordt er steeds naar win-win-situaties voor landbouw en natuur gezocht. Demodagen zullen een aanleiding geven tot het opstarten van een dialoog tussen land- of tuinbouwers en buurtbewoners en hen aanzetten om zelf initiatieven te nemen om de biodiversiteit te bevorderen.
Er werd geschikt beeldmateriaal verzameld en een informatieve brochure en presentatie opgemaakt. Deelnemende bedrijven werden gecontacteerd.

Contact Didier Huygens
Provinciale Lanbouwkamer voor Oost-Vlaanderen, Gouvernementstraat 1, 9000 Gent 09/267.86.80 didier.huygens@oost.vlaanderen.be

Terug naar overzicht

25. Karakterisering en gebruik van autochtone genenbronnen in het Meetjesland

Het Centrum voor Landbouwkundig Onderzoek (CLO) wil de waarde van autochtone bomen en struiken gaan vergelijken met planten met een andere Vlaamse en Europese herkomst. Deze waardebepaling gebeurt op twee niveaus nl. enerzijds een teelttechnische en visuele gebruikswaarde (o.a. groeikracht, ziekteresistentie, winterhardheid, bloeitijdstip) via de aanleg van vergelijkende demonstratieproeven en anderzijds onderzoek naar de genetische diversiteit van het verzamelde materiaal. Het project focust hierbij op meidoorn (Crataegus spp.), haagbeuk (Carpinus betulus) en wilgen (Salix spp.). Deze pilootsoorten werden gekozen omwille van hun voorkomen in het Meetjesland (meidoorn, wilgen) en hun belang voor de boomkwekerij (haagbeuk en meidoorn). De pilootsoorten verschillen ook in bestuivingmechanisme (door wind of insecten) als in verspreiding van zaden (door wind of vogels). Dit kan leiden tot verschillende genetische eigenschappen van de autochtone populaties.In relictzones, in kaart gebracht door het Instituut voor Bos en Wildbeheer, werden zaden geoogst voor de aanleg van vergelijkende proefvelden. Na een tweetal jaar kunnen deze jonge bomen geëvalueerd worden. Ondertussen werden de genetische kenmerken onderzocht op bladeren. Indien aangetoond wordt dat streekeigen materiaal ook commercieel interessant is, zal dit autochtoon materiaal ter beschikking gesteld worden aan de lokale boomkwekerijsector voor een vermeerderingsprogramma, aan de consument en aan gemeentelijke groendiensten voor lokale plantacties. Dit project wil tegemoet komen aan de behoefte aan streekeigen beplanting bij aanleg en herstel van groene landschapselementen en aan de nood aan planten met verhoogde natuurlijke resistentie tegen ziektes en abiotische stressfactoren.

Contact Johan Van Huylenbroeck & Els Coart
Centrum voor Landbouwkundig Onderzoek (DvP) i.s.m. IBW
Caritasstraat 21, 9090 Melle 09/272.29.00
j.vanhuylenbroeck@clo.fgov.be

26. Meetjes-land-bouwer

De landbouwer is naast producent van diverse landbouwproducten ook steeds landschapsbouwer én natuurbeheerder.
Heel wat Meetjeslandse planten- en diersoorten b.v. hooilandbloemen en akkervogels zijn totaal afhankelijk van de landbouwactiviteit voor hun voortbestaan.

Binnen dit project leert de landbouwer omgaan met zijn nieuwe rol als natuurbeheerder.
Het Regionaal Landschap Meetjesland helpt bij de opmaak van landschapsbedrijfsplannen en daaraan gekoppeld, beheersplannen voor behoud en herstel van landschaps- en natuurwaarden.
Daarbij opent het Regionaal Landschap Meetjesland ook de ogen voor nieuwe werkvormen.
Naast de landbouwer kunnen immers ook vrijwilligers instaan voor het onderhoud van de landschapselementen op het bedrijf. Verder versterken de natuureducatieve mogelijkheden het aanbod aan landbouweducatie.

Contact Filip Jonckheere
Regionaal Landschap Meetjesland vzw - Noordstraat 15a - 9990 Maldegem
050 70 00 41 - filip.jonckheere@rlm.be - www.rlm.be

Terug naar overzicht

Terug naar home